Focus

Voor 2016 reikte Marleen mij het woord focus aan. Ik paste het en het zat als gegoten. Wat een goed voornemen. En het komt overal van pas. Bij het schrijven bijvoorbeeld.

Om te beginnen bij het ochtendschrijven. Laat ik daar eerst nog even reclame voor maken. Geen betere manier om wakker te worden, geen betere manier om de gedachten te ordenen, en een uitstekende manier om de aandacht alvast scherp te stellen. Het principe is heel eenvoudig: elke ochtend minstens twee pagina’s schrijven in een eenvoudig schoolschriftje. Ik doe het nu al zes maand, ik sla zelden een dag over want het is een routine geworden en mijn twee bladzijden worden er meestal drie, soms meer.

Ochtendschrijven brengt mij elke dag meteen in een prettige, voldane stemming terwijl de dag nog moet beginnen. In de eerste weken moest ik de tweede helft van de tweede bladzijde nog vullen met zinnetjes als: ‘Ik weet niet meer wat te schrijven’ of met oefeningen in aandachtig en ‘schoon-’schrijven, maar nu komt de tekst vanzelf. Het gaat tegenwoordig over wat ik gedaan wil krijgen en wat ik nodig heb om die doelen te realiseren. Ik denk dat de inhoud nog zal evolueren. Het is een proces, ik geef me eraan over en ik ben benieuwd in welke richting het zal verdergaan.

In het boek ‘Waarover ik praat als ik over hardlopen praat’ van Haruki Murakami dat ik aan het lezen ben, gaat het toevallig ook over focus. Dat is natuurlijk niet toevallig. Als iets in je hoofd rondhangt, dan zie en lees je overal dingen die daarmee te maken hebben.

Volgens Murakami is de belangrijkste eigenschap van een schrijver talent. Dat talent hoeft niet eens zo groot te zijn. Talent is nu eenmaal ongelijk verdeeld. De tweede eigenschap is concentratievermogen. Door elke dag een paar uur te concentreren op het schrijven, kan het talent zich ontwikkelen. De derde eigenschap is uithoudingsvermogen. De schrijver moet zich trainen in concentratie. Hij maakt daarbij de vergelijking met hardlopen. Het moet pijn doen. Maar pijn hebben is niet hetzelfde als lijden. Want ‘Pain is inevitable, suffering is optional’ is zijn mantra.

Murakami zegt dat hij om tien uur gaat slapen en om vijf uur opstaat. Het zou me niet verwonderen als dit boek uit ochtendschrijven is ontstaan: het is een neerslag van ervaringen met schrijven en hardlopen en zijn reflecties daarop.

Hardlopen is niet (meer) mijn ding, maar stevig wandelen wel. Luisterend naar Murakami, koppel ik het wandelen aan het schrijven. Het moet een beetje pijn doen en de lat moet langzaam maar zeker verlegd worden. Aan een paar uur per dag focussen op schrijven ben ik zeker nog niet toe, maar het ochtendschrijven (ongeveer twintig minuten, soms een half uur) is een begin. En het dagelijks wandelen is intussen een tweede routine geworden.

Oefenen in focussen kun je trouwens met alles doen: met koken, met eten, en zelfs bij de afwas. Vraag het maar aan de mindfulnessmensen.

Met dank aan Marleen voor de voornementip, en aan Hadjira voor de boekentip.

Advertenties